


Een medische isotoop ontstaat als een grondstof na bestraling, bijvoorbeeld in een nucleaire reactor, instabiel (radioactief) is gemaakt.
De grondstoffen die in de reactor worden bestraald, worden meestal via mijnbouw uit de grond gewonnen. Het gaat om metalen of oxiden zoals uranium, lutetium en irridium. De reactor wordt beladen met deze grondstoffen die verpakt zijn in aluminium buisjes. In de kern van de reactor worden deze buisjes een bepaald aantal uren bestraald met neutronen. De isotopen in de grondstof veranderen van structuur doordat bijvoorbeeld een extra neutron in de kernen geschoten wordt. Op deze manier ontstaan radio-isotopen.
De radio-isotopen worden in fabrieken van de farmaceutische industrie verwerkt tot radioactieve geneesmiddelen voor de ziekenhuizen. Radioactieve geneesmiddelen zijn maar kort actief en te gebruiken. Dit heeft een voordeel en een nadeel. Het voordeel van deze korte werkzame tijd is dat de patiënt slechts korte tijd wordt blootgesteld aan de radioactieve stoffen in geneesmiddelen, zodat de schade voor het lichaam beperkt blijft. Het nadeel is dat de stof zijn werking vrij snel verliest waardoor de distributie snel moet plaatsvinden en er geen voorraden aangemaakt kunnen worden.